(Leestijd: 4 - 7 minuten)

INDIA 27 juli t/m 7 augustus 1998

straatbeeld in Delhi met loslopende koeienMet de reisorganisatie Djoser maak ik dit jaar een combireis: Eerst door het noorden van India en daarna door naar Nepal. Dit reisverslag gaat alleen over het gedeelte India.
Als we in Delhi landen is het zo'n 33º en erg stoffig, omdat het al een tijd niet heeft geregend. Verder dan inchecken in het hotel komen we vandaag niet.

Stadstour door Delhi

Met verschillende soorten riksja rijden we de volgende morgen naar Connaught Place, het Roze Fort en de grote Jama Masjid Moskee. In deze laatste is de vloer zo heet door de brandende zon, dat het lopen op blote voeten lastig is; het wordt meer springen.
Na de moskee gaan we naar een Sikh-tempel, waar we allemaal een hoofddoekje krijgen. Hier gebruiken we ook de lunch: in lange rijen zitten we op de grond met het bord voor ons en af en toe komt iemand langs om daar wat eten op te doen. Geen haute cuisine, maar goed. Vegetarisch, dat wel.
Op de vrije middag kijken we wat rond in Delhi en verbazen we ons over het ongeorganiseerde leven: veel vuil op straat, verkeer dat op alle mogelijke manieren door elkaar heen rijdt, hier en daar een koe die daar rustig middenin blijft staan, kortom: chaotisch en smerig. 's Avonds proberen we met een kleine groep nog wat uit te gaan, maar overal moet veel entree betaald worden voor amusement, dat er niet echt is. Dus eindigen we in de bar van het hotel.

Jaipur, de roze stad

De 29e juli vertrekken we al vroeg met de trein naar Jaipur, de “roze stad” waar we aan het eind van de ochtend aankomen. Ook hier is het druk, maar er zijn opvallend minder auto's. Na de lunch bezoek ik het City Palace en Hawa Mahal (het Palace of the Winds). 's Avonds hebben we een uitgebreid buffet, dat wordt afgesloten met een Indiase show met muziek, een vuurspuwer en dansen. Zoals het hoort bij dit soort toeristische voorstellingen wordt het publiek uitgenodigd om aan het eind mee te doen. Niet erg origineel, maar helaas niet altijd te vermijden.

beeldhouwer in DelhiDe volgende dag staat een kamelensafari op het programma. We stoppen eerst bij een schooltje, waar de kinderen onder een boom les krijgen. Vervolgens gaan we langs twee dorpjes: het eerste dorpje herbergt aanraakbaren en het tweede de onaanraakbaren. Het verschil wordt mij niet duidelijk: de bewoners van beide dorpjes zijn erg arm. Voor Indiërs is het verschil blijkbaar wel duidelijk. Het zit zo ingebakken in de Indiase cultuur, dat mensen hier geen enkele kans hebben om uit hun kaste te ontstijgen. Jammer voor de arme aanraakbaren als voor de nog kansarmere onaanraakbaren, die helemaal onderaan de maatschappelijke ladder leven.
Maar de kamelentocht gaat verder en we rijden door een stuk woestijn: heet, maar wel mooi. Na de tocht hebben we een lunch en vertrekken we 's middags naar de Galta-tempel, die ik me vooral herinner vanwege de vele brutale apen en opdringerige jongetjes. Maar allebei waren ze tevreden met een zak pinda's.
De volgende morgen bezoeken we het Amber Fort even buiten Jaipur. Hier zijn vooral veel hinderlijke verkopers en mannetjes die je op een olifant willen hebben. We gaan gelukkig daarna naar een rustiger plek met een aantal tombes van maharadja's. Na de lunch kunnen we wat door de stad te slenteren. 's Avonds ga ik met een paar groepsleden naar de bioscoop. In het land van Bollywood moet toch iets moois te zien zijn? De bioscoop was inderdaad mooi, maar de film waardeloos, dus dat hadden we al gauw bekeken.

Naar Agra

Op 1 augustus reizen we verder naar Agra en onderweg stoppen we bij het Keoladeo Nationaal Park. Dit is een groot reservaat voor vogels en met de fietsriksjah rijden we erdoor heen. Dit is erg leuk, want de bestuurder verteltheel veel en wil ook wel veel stoppen om foto’s te maken. Vervolgens bezoeken we Fatehpur Sikri, een verlaten stad die slechts 20 jaar als zodanig heeft gefunctioneerd. Doordat de watervoorziening niet goed geregeld kon worden, moest de stad worden opgegeven. We worden rondgeleid door een oud mannetje, dat je ook steeds overhoort om te zien of je wel oplet. Veel gelachen.
's Avonds arriveren we in Agra waar de volgende dag natuurlijk een bezoek aan de Taj Mahal gebracht wordt. Ik doe dat 's middags als het heel erg heet is en het witte marmer van het mausoleum bijna verblindend werkt. Alle verhalen over dit gebouw kloppen: het is inderdaad prachtig. Maar de weg er naar toe en weer vandaan is typisch Indiaas: smerig en rommelig.
Omdat ik vandaag ziek ben hou ik het al snel voor gezien en doe de rest van de dag niet veel meer.

Na Agra rijden we naar Khajuraho, waar we pas 's avonds laat aankomen. Een hele dag reizen en de regen valt met bakken uit de hemel. Ook de volgende morgen nog als een fietstocht gepland staat. Met poncho's gaan we op weg en fietsen onder leiding van een lokale gids langs verschillende Hindoetempels.

Varanasi, drukte aan de Ganges

Baden in de Ganges bij VaranasiEen dag later reizen we alweer verder naar Varanasi. De reis duurt van 6 uur 's morgens tot 19.30 uur 's avonds. We overnachten hier in een hotel, dat lang geleden ongetwijfeld een bepaalde allure zal hebben. Nu is daar niets meer van over. Het heeft geen drankvergunning, dus krijgen we bier in een theepot en krijgen daar kopjes bij. Het is niet te drinken!
De volgende morgen gaan we al vroeg (5 uur!!) de Ganges op om een indruk van de stad en het leven aan de rivier te krijgen. Er zijn al verschillende rituelen aan de gang: mensen wassen zich in de rivier, poetsen hun tanden, piesen erin, wassen hun kleren en ook zie je dode dieren langs drijven. Een brahmaan begroet de zon die opkomt en offert hiervoor melk in de rivier, die er toch al zeer grauw uitziet. Varanasi is een stad waar langs de rivier de Ganges veel lijkverbrandingen plaatsvinden. Na het ontbijt gaan we bij de rivier nog een kijkje nemen, maar zien geen activiteiten van dien aard. We zullen later nog eens terug moeten komen. Een bezoek aan de gouden tempel is tevergeefs, want daar mogen we niet naar binnen. Dan nog maar een keertje bij de Ganges kijken en we hebben geluk. Er zijn nu voldoende lijken aangevoerd, zodat we uitgebreid de rituelen rond deze verbrandingen kunnen volgen.
Na de lunch lopen we door minder toeristisch Varanasi en dwalen door de smalle straatjes. Hier zie je geen toeristen en iedereen is vriendelijk. Weliswaar krioelt het hier ook van de bedelaars en zijn de straten smerig, maar je krijgt toch een wat betere indruk van het dagelijkse leven. 's Avonds bouwen we op een dakterras van een restaurant een feestje, want om middernacht is onze reisleidster jarig. De laatste dag in India neem ik nog een kijkje bij de lijkverbrandingen. Men rent met lijken door de straten en bij de rivier is het een "georganiseerde bende". Er zal ongetwijfeld een soort schema zijn, maar duidelijk wordt me dat niet.

's Middags brengen we een bezoek aan Sarnath, de plaats waar Boeddha zijn eerste preek heeft gehouden voor zijn volgelingen. Hier staat een mooie tempel.
Zaterdag 8 augustus verlaten we India op weg naar Nepal.