(Leestijd: 5 - 9 minuten)

bloemen in GambiaGAMBIA: klein landje om een rivier

10 t/m 24 november 2010

Na een vlucht van zo'n 7 uur kom ik aan op het vliegveld van Banjul. Hier word ik opgewacht door Roos, Theo en Hilly met wie ik de komende twee weken zal doorbrengen.
Het is hier lekker warm, dus we beginnen met koffie op het vliegveld. Later hoor ik, dat dit de enige plek in het hele land is waar je "lekkere capuccino" kunt krijgen. Daarna naar Senegambia gereden om geld te wisselen (39 dalassie voor € 1). Bij het wisselkantoortje wordt ook eten voor ons klaar gezet, dus eten we een hapje mee uit de grote schaal op de grond: rijst met een groenteprutje. Zeer gastvrij en vriendelijk.
Onderweg naar Sambuya is er veel politiecontrole; het is een paar dagen voor het slachtfeest, dus is er extra controle. Zoals in veel landen is dit een goede mogelijkheid voor de dames en heren agenten om iets bij te verdienen. Overigens merk ik later na het slachtfeest niet, dat er minder controles zijn.....
Uiteindelijk arriveren we bij het huisje van Hilly. In het gastenhuisje dat erbij gebouwd is heeft men op de Afrikaanse manier gebouwd: de toiletpot staat verkeerd om en de deuren slepen over de grond. Maar ja, het werkt wel, dus waarom iets veranderen?
Ik mag met nog twee andere gasten in de tent slapen die naast dit huisje staat. Ik ga mijn hoekje meteen maar inrichten: luchtbedje opblazen en lakenzak er op leggen: klaar.

Typisch Afrikaans restaurantDe volgende dag sta ik lekker vroeg op om de omgeving wat te verkennen. De ochtend is rustig en er zijn veel vogels te horen, maar ook mensen, want die zijn hier al vroeg op pad. De rest van de dag wordt grotendeels in beslag genomen door boodschappen doen en wat rondrijden.

We rijden naar Serrekunda, Senegambia, Bakau, plaatsen die allemaal tegen elkaar aan zijn gebouwd en die ik moeilijk uit elkaar kan houden. We doen alles op z'n Gambiaans, dus we maken heel wat kilometers met onnodig heen en weer rijden. Maar wel leuk om zo voor de eerste keer kennis te maken met de omgeving.

Gunjur, slangentuin en strand

Vrijdag ga ik met  Roos en Theo op stap. Dat doen we samen met Pawa en Buba, twee jongens die dagelijks allerlei hand- en spandiensten verrichten: water uit de put halen om te douchen, ze koken, zorgen voor koffie en thee, enz. Kortom zij zijn voor de verwende westerse toerist onmisbaar in de omstandigheden waaronder we in Gambia wonen.
slang in de Slangentuin in GunjurAllereerst rijden we naar de slangenfarm in Gunjur. Deze wordt door een Fransman gerund en hier worden wat slangen, krokodillen en andere reptielen verzorgd. Het geheel ziet er een beetje verwaarloosd uit. Dat is niet zo verwonderlijk, omdat het geld moet binnenkomen van giften. Omdat Gambia niet zo erg zit te wachten op dit soort dierenbescherming, is de toekomst van de farm wat onzeker. Toch doneren wij extra om op dit moment nog wat te kunnen doen.

Vervolgens rijden we naar het strand van Gunjur, omdat we daar iets zouden kunnen drinken. Het dorp is een echt vissersdorp. We moeten een eind over het strand lopen om iets te drinken te krijgen, maar komen dan bij een echte strandtent. Daar zijn nog precies drie flesjes frisdrank te krijgen. Maar men haalt vrij snel nog twee erbij, zodat we allemaal iets hebben. We worden spontaan vermaakt met een paar djembe's en Pawa en Bumba gaan daardoor helemaal uit hun dak.

We rijden verder naar Bakau om daar de krokodillenpoel te bezoeken. Nadat we een paar keer de weg gevraagd hebben komen we er via een aantal slechte wegen. Vreemd om zomaar tussen de krokodillen door te lopen. Gelukkig hebben ze allemaal net te eten gehad, dus wij hoeven niet te dienen als lekker hapje. "Ouwe Charlie" is zelfs zo bedaagd, dat je rustig met hem op de foto kunt gaan.

Kledingzaak in SerekundaNa deze spannende ervaring rijden we naar Senegambia, het toeristengebied van Gambia. Dat is ook duidelijk te merken, want je ziet veel wat je ook in andere toeristenplaatsen overal ter wereld ziet: restaurantjes met westers eten, wisselkantoortjes, "souvenir"verkopers, aanbieders van tours en trips, kortom: vakantie voor de gemiddelde mens!
We passen ons aan en hebben een heerlijke lunch bij Ali Baba om ons daarna weer terug te trekken in het niet-toeristische Gambia van Sambuya.

Bruiloft in Gambia

Zaterdag de 13e wonen we een trouwerij bij. De dag ziet er een beetje anders uit dan een trouwdag in Nederland. 's Morgens komen vrouwen uit het dorp met kookgerei, er worden tafels en stoelen gebracht. Het terrein naast het huis wordt geëgaliseerd, steeds meer mensen komen voor de voorbereidingen en wij? Wij gaan met de bruidegom naar Serrekunda om kleren op te halen en nog veel meer inkopen te doen: nieuwe schoenen, er worden kolanoten gekocht, die bij de bruiloft een belangrijke functie schijnen te vervullen en als laatste moeten we nog een geit ophalen, die voor het feest het loodje moet leggen. Met wat gemekker gaat het beest achterin de auto, zodat we weer terug kunnen naar het feestgedruis.

Holland promotie in GambiaDaar wordt op alle fronten druk gewerkt: eten koken, geit slachten, kletsen. enz. Intussen arriveren er ook meer gasten en wordt het eten opgediend in grote schalen: het feestmaal bestaat uit een schaal rijst met een stuk van de geit. Jammie, jammie.

Aan het eind van de middag verschijnen er steeds meer 'belangrijke mannen', waaronder de imam. Ze nemen plaats onder de grote boom op het terrein. Zij bespreken de situatie (vrouwen hebben geen enkele rol, ook de bruid niet) en plotseling is het voorbij: ze zijn getrouwd!! Geen 'jawoord', geen 'handtekening', geen 'getuigen', nee; de imam is acoord en dat is blijkbaar voldoende.

Na deze ceremonie beginnen een paar mannen luid op djembés te trommelen en wordt er door de vrouwen gedanst; hier hebben de mannen geen rol (of ze durven niet, maar dat is me niet duidelijk). 's Avonds is op het terrein naast het huis feest. Er speelt een band en er wordt gedanst, gedronken en gegeten. Dansen is op de kale grond, die vandaag vlak is gemaakt. Maar er steken nog veel wortels boven, dus dat is een beetje uitkijken bij het dansen. Iedereen heeft veel plezier. Een echte Gambiaanse bruiloft!!

winkeltje in GambiaDe volgende dag is het natuurlijk eerst even bijkomen van het feest. ’s Middags gaan we shoppen en de papieren regelen voor Senegal, waar we over een paar dagen naar toe willen. We eindigen op het Bibistrand in het toeristengebied. Koud pilsje, patatje, visje en zee. Lekker!! Buba en Bob zijn deze keer ook mee. Voor de thuisblijvers halen we in Sanyang nog wat te eten, waarna we voor het huisje nog wat borrelen en ik ga om 0.30 weer op mijn luchtbedje.

Maandag 15 november
We gaan eerst maar eens naar de garage. Een lekke band die we eerder deze week hadden moet vervangen worden. Dat gaat zo’n 4 uur duren. Dat betekent de tijd overbruggen met boodschappen en andere leuke zaken. Omdat Theo vanavond hachee wil maken, moet er rundvlees gekocht worden en dat blijkt niet zo'n eenvoudige opgave te zijn. Uiteindelijk kiezen we voor diepvries rundvlees uit Brazilië. En dat terwijl er zoveel koeien in het land zelf zijn en de boeren dus zelf wat zouden kunnen verdienen.

Koken in een Afrikaans huisjeWe rusten uit bij Ali Baba en eten even iets lekkers. Thuisgekomen gaat Theo aan de slag voor de hachee. Op de foto zit hij lekker in zijn keuken te werken, samen met Pawa en de hond. Ik rij ondertussen naar Kobokoto, een strand in de buurt, om even lekker te relaxen.

Om 22 uur is de hachee klaar en eet iedereen er lekker van. Vrijwel direct daarna gaan we allemaal naar bed. Dat moet ook wel, want de volgende morgen willen we niet al te laat op pad naar Senegal.

Terug uit Senegal

Na een paar dagen Senegal, zijn de laatste dagen van de vakantie voor Gambia gereserveerd. Op de 22e rijden we naar Senegambia om o.a. de terugvlucht te herbevestigen. We regelen en betalen alles voor de auto, wisselen nog wat geld en gaan naar de supermarkt. Kortom: klusjesochtend.
's Middags gaan we naar het strand van Kobokoto. Hier relaxen we lekker de hele middag om te eindigen met vis en patat.

rode makaak in AbukoDinsdag 23 november gaan we naar Abuko, een klein park waar groene meerkatten en rode colobusapen zijn. We zien ze allebei en daarnaast zien en horen we ook heel veel vogels. We lunchen, doen boodschappen in Senegambia en rijden terug naar huis.

Onderweg stoppen we nog bij Tanji, een vissersdorp waar we regelmatig langs rijden en ik wel eens een kijkje wil nemen omdat het er leuk uitziet. Maar dat valt erg tegen: bij de eerste stop heeft een man een tafeltje neergezet en wil geld van ons om het dorp in te mogen. We rijden dus door en gaan verderop gratis het dorp in. Overal worden we constant lastig gevallen door mensen en kinderen die geld voor van alles en nog wat willen. Het is vreselijk irritant.
Wel leuk is hier om te zien hoe de visvangst op het strand gebracht wordt en hoe dat wordt verwerkt. Maar erg prettig is het allemaal niet met die opdringerige mensen om je heen. Ik irriteer me mateloos aan dit gedrag. Dat gedrag komt waarschijnlijk omdat hier veel toeristen komen, die steeds wat aan die kindertjes geven. Dus die blijven vragen. Geef ze eens ongelijk. Maar vervelend is het wel.

Afrikaans huis’s Avonds ga ik nog met Pawa op stap: hij wil zijn huis laten zien in Iceland. Het huisje van Pawa is klein, maar hij is er zeer trots op. In het dorp ontmoeten we ook nog de vader van Buba en nog veel meer mensen.

In Sambuya is er een feest aan de gang. Met djembé’s en schuddende konten. We eindigen de dag met shoarmakip en borrelen.

Woensdag 24 november is de reis terug en komt er aan twee weken Gambia en Senegal een einde.